De zes krommen die de rekenmachine door de gegevens kan leggen, zijn: lineair,y=a+bx; exponentieel,y=aebx; logaritmisch,y=a+blnx; macht,y=axb; invers,y=a+xb; en kwadratisch,y=a+bx+cx2. Er treedt een fout op als een uitkomst 10100 bereikt, een noemer 0 is, de vierkantswortel van een negatief getal nodig is, of een kwadratische regressie geen oplossing heeft.